Vering

De klim naar Belvedere is onverwacht leuk. Een kilometer of twee, tussen de acht en tien procent, nauwelijks verkeer, redelijk strak asfalt; zo heeft Trapper het graag. In één keer goed schakelen en dan met een gestaag tempo naar boven. Daar slingert de weg zich aangenaam golvend verder door een parkachtig landschap. Nog geen afdaling in zicht.
What goes up, must come down. In een scherpe bocht naar links stort de weg zich onverwacht naar beneden met dezelfde tien procent, waarmee hij eerder omhoog ging. Maar nu niet over comfortabel asfalt. Slordig rondgestrooide, onvervalste kinderkopjes moeten een wegdek voorstellen. Ze glimmen van het vocht dat na de ochtendregen onder de bomen is blijven hangen. Trapper stuitert naar beneden. Een haakse bocht komt met akelige snelheid dichterbij. Niet remmen is geen optie, hard remmen net zo gevaarlijk. Met het nodige kunst- en vliegwerk komt Trapper ongeschonden beneden. Een beetje brede bus of vrachtwagen van de andere kant had het wellicht anders doen aflopen. Om nou te zeggen dat Trapper het echt onder controle had.... Dat moeten ze in de Ronde van Vlaanderen ook eens doen. De Koppenberg afdalen in plaats van beklimmen. Dan kunnen we zien wie er echt kan sturen.
Trapper fietst hier vaak. Hier is diep weg in Thüringen. Prachtige omgeving, oude stadjes, vriendelijke mensen. Alleen met een totaal andere opvatting over wegdek en bestrating dan in Nederland. Oh, fraaie, strakke fietspaden te over zolang je in de directe omgeving van de stad blijft of een riviertje volgt. Maar die paden zijn vaak wel smal en bochtig, duidelijk niet aangelegd voor de racefietser. En daarbuiten is het vaak kiezen tussen òf een ruig bospad of de Landstrasse. En op die laatste rijden de auto's dan weer 100. 's Winters staan fietspaden erg laag op de urgentielijst van de 'Winterdienst'. Nu, begin april, blokkeert sneeuw uit februari nog menig doorgaande route. Eigenlijk is het geen gebied voor de Race Lite. Zelfs met de Travel Lite is het een vraagteken. Bij van die onverwachte afdalingen zoals vandaag heb je eigenlijk dringend, zeg maar heel dringend, een verende voorvork nodig om een beetje controle te houden. Liefst met een lock-up, natuurlijk. En zo komt Trapper bij de kern van dit verhaal.
Is het tijd voor een Santos SCC 03? Of misschien zelfs de 4.29? Het is niet de eerste keer dat Trapper zich dit afvraagt. Maar in de buurt van zijn woonplaats is nauwelijks de ruige ondergrond te vinden die de aanschaf van nog een Santos rechtvaardigt. Maar hier? Hier kun je nauwelijks zonder.
Het voorzichtige dromen begint. Volgeveerd is onzin, dan liever een Rohloff en een riem. De Santos-frames zijn achter immers comfortabel genoeg. Het gaat om het stuiteren vóór en om grip, de beheersing op zompige ondergrond met onverwachte gaten en drempels. Spatschermpjes, Tubus-drager, vette banden, de voorvork met lock-up voor bij het klimmen. Een custom-built mountainbike voor vier seizoenen, eentje die niet terugschrikt voor een stuiter afdaling of een modderige klim en ook nog lekker rolt op het fietspad lang de rivier. Een kinderkopjesvretend-blubber-beest, met voorzichtige kenmerken van een hybride. Zoiets zou het moeten worden. Kleur? Appelgroen graag.
Trapper knipt en plakt wat op de Santos-site. Tja. Het kost wat maar dan heb je ook wat, zullen we maar zeggen. Binnenkort op een vrijdag maar weer eens naar Sassenheim en wat kletsen en proefrijden. Wat Trapper eenmaal in zijn kop heeft...
Trapper
Mei 2013
_________________________________________________________________________
Afzien
Als je komende zomer zonder al te veel lijden heuvel op wilt met je volbepakte Travelmaster of Lite, moet je nu al wel wat kilometers gaan maken. Voor niks gaat de zon op. Conditie bouw je in de winter, op zijn laatst het vroege voorjaar. Nu of nooit dus.
Daar zijn we dan mooi klaar mee dit jaar. Trapper fietst weliswaar onder alle weersomstandigheden, maar er zijn grenzen. Waar hij andere jaren in maart al menig honderd-plus ritje erop heeft zitten, is het nu harken geblazen. Trapper fietst wel, maar geen honderd-plus. Niet in dit weer. Neem nu vandaag. Na een week van vooral binnen opgesloten zitten met veel te veel werk, wil Trapper eigenlijk maar één ding: naar buiten. Het weerbericht windt er geen doekjes om; doe maar niet. Gent-Wevelchem wordt nota bene drastisch ingekort. Kan allemaal wel zijn, maar Trapper wil naar buiten.
Direct uit de beschutte bebouwde kom meldt zich de tegenstander. Wind, in de oosthoek, en wat voor één. Trapper rijdt tegen een ijskoude muur op. Met duivelse genoegen kerft de wind zich in mijn gezicht. Trapper schakelt terug, en nog eens, maar dat voorkomt niet dat de hartslag rap naar een hoogte stijgt waarvan Trapper weet dat het daarmee binnen tien minuten game-over is. Een beetje ritme vinden is er niet bij. Door die stomme oosthoek wisselt de wind bij elke kronkel in de weg van schuin tegen naar net niet mee. Met veel schakelen weet Trapper er nog enige gelijkmatigheid in trapfrequentie uit te persen. Boven de 90 houden is de regel bij zulk weer, anders is het zo helemaal op. Even voor de helft van de geplande afstand moet er een krentenbol met appelstroop naar binnen. Die calorieën zal Trapper nog nodig hebben, schat hij. Halverwege valt het gemiddelde nog mee. Dat belooft niet veel goeds voor de terugweg. Dan was heen misschien toch wel meer schuin mee dan het leek. Die rekening krijgt Trapper direct na het keerpunt getrakteerd. Met een versnellingkje waarmee je ook in het Vijlderbos boven komt, worstelt hij zich tegen de storm in. Als het nu nog een gelijkmatige storm was, als zoiets bestaat, maar het zijn vooral de tomeloze vlagen die hem de das om doen. Van de andere kant komen glimlachende soortgenoten snoeihard voorbij gezeild. Een eindje voor me zie ik een lotgenoot worstelen. Dat helpt. Een mikpunt geeft extra energie. Na elke bocht in de weg is hij dichterbij. Iemand kunnen inhalen maakt wonderlijke krachten los. Na een bruggetje is hij ineens weg. De sloot in geblazen? Afgeslagen? Direct is de puf er weer uit. Met open mond naar lucht happend worstelt Trapper zich door de laatste kilometers over het dijkje. Even later omarmt hem de bebouwing. Het voelt als windstilte. Trapper klopt de Travel Lite even op het stuur. Je moet je materiaal altijd bedanken. Twee stoplichten later is hij weer thuis. De hartslagmeter laat een gemiddelde zien dat op een heel pittige training wijst. Mooi zo. Niet heel ver, maar wel lekker zwaar gefietst. Zo wordt het misschien toch nog wat met Trapper.
Trapper
April 2013
_________________________________________________________________________
Travelmaster of Travel Lite?
Trapper rijdt alweer een paar jaar Travelmaster. Zomer en winter, door weer en wind. Van een zonnig rondje polder op een gevonden vrije middag, tot een retourtje Weimar met volle bepakking door de stromende regen. De Travelmaster is Trappers gele monster. Een schoonheid met oerkracht. Trapper mag het dan soms opgeven, die fiets niet. Vergelijk hem maar met een Landrover in Camel Trophy uitvoering, of de Mercedes G-klasse als je meer van Duitse degelijkheid houdt. Natuurlijk, het is geen lichte fiets. Maar in deze klasse telt gewicht niet. Reken maar uit. Berijder en bagage zetten samen zo maar 100 kilo op de schaal. En dan is Trapper zelf nog tamelijk licht. Wat maakt het dan nog uit of de fiets een paar kilo zwaarder is. Een Merc-G-klasse weegt ook achterlijk veel, maar gaat wel als de brandweer. Zo ook de Travelmaster. Toen Trapper bij zijn fietsenpusher om een Travelmaster alu 28 heendraaide heeft de optie Travel Lite ook nog even gespeeld. Maar Trapper wilde elke route aan kunnen, compromisloos. Exit Travel Lite, dus.
Tot een maand geleden. Robbert aan de telefoon. Of Trapper interesse heeft om een paar maanden flink kilometers te maken met een Travel Lite, afgemonteerd met allerhande nieuwigheid waarvan hij weten wil of die een kilometervreter bevalt en natuurlijk ook, of het na een paar duizend kilometer afbeulen, allemaal nog vlekkeloos werkt. Dat wil Trapper wel. Trapper is erg van het experimenteren. Het concept fiets heeft veel te lang stil gestaan. Bedrijven als Santos hollen niet achter de menigte aan, maar proberen interessante, nieuwe ideeën uit. En de gemonteerde nieuwigheidjes klinken zeker interessant. Nou ja, nieuwigheidjes, zeg maar gewoon spectaculaire innovaties. En die Travel Lite interesseert hem eigenlijk ook wel. Trapper is nieuwsgierig hoe anders die rijdt, in vergelijking met zijn gele monster.
Nou, totaal anders dus. Wat direct opvalt is het stuurkarakter. Dat heeft natuurlijk alles te maken met de geometrie van het frame, die subtiel anders is; en dan heeft deze Lite ook nog 50-622 banden meegekregen, zodat hij verondersteld wordt te rijden als een 'twentyniner'. Hoewel...? Hij stuurt in werkelijkelijkheid veel directer dan Trappers 28 Travelmaster. De Lite nodigt uit tot actief stuurgedrag. De stad uit slalom ik moeiteloos door het spitsverkeer. De Travelmaster komt traag van zijn plek, maar blijft dan gaan. De Travel Lite nodigt ook uit tot een sprintje naar het stoplicht. Lekker beweeglijk ding. Je zit wat scherper, korter, het voelt actiever. En net wat sierlijker afgewerkt. Gladde lasnaden in plaats van de extra degelijke rupsen op de Master. Achterop heb ik een tas met een kilo of acht inhoud gehangen, maar kwispelen ho maar, ook niet in wild genomen bochten: hij blijft strak voelen zoals Trapper gewend is van Santos. Kortom, een lekker veelzijdige fiets. Voor de lange reizen met veel bagage blijft Trapper de Travelmaster trouw. Die dendert zonder tegenbericht altijd rechtdoor. Daarmee vergeleken stuurt de Lite als een scheermes. Maar voor een dagje of lang weekeinde weg wel een heel leuk scheermes. Denk je over een nieuwe reisfiets, dan moet je volgens Trapper met alle twee gereden hebben voor je beslist.
En die nieuwigheidjes? Daarover een andere keer. Eerst maar eens kijken of het allemaal heel blijft.
Trapper
Maart 2013
_________________________________________________________________________
Een bodempje leggen
Nee, Trapper bedoelt niet een variant van 'indrinken'. En ook niet het 'patatje oorlog' voorafgaand aan een avondje stappen. We hebben het wel over fietsen. Collega's! Dames en heren, het moet nu gebeuren! Niks achter de verwarming wachten op beter weer. Als je over een paar maanden op die dijk met wind tegen of halverwege Mont Ventoux niet voor schut wil gaan, zul je nu moeten beginnen. Gisteren om precies te zijn. Geen tijd te verliezen. De winter is er om spierkracht op te bouwen en een basisconditie bij elkaar te zweten. Wil je niet als een vaatdoek aan het seizoen beginnen, dan zal er nu wat moeten gebeuren. Kracht blijft niet vanzelf op peil. Die gaat stiekem achteruit. Omdat je sowieso ouder wordt en nog eens dubbel zo hard als je er bij in een stoel blijft zitten.
Moet je daarvoor naar een krachthonk? Kan, maar dan wel met regelmaat en een beetje verstandig advies van iemand die er voor geleerd heeft. Je zit zo kreupel op de bank als je gaat lopen rommelen. Een roeitrainer thuis werkt ook prima, of op de hometrainer met een lage cadans en hoge weerstand. En daarnaast af en toe naar buiten als het weer het toelaat. Om even te weten hoe het voelt. Dat je zadel je niet helemaal vergeet. Een paar uur is al goed, verondersteld dat je er iets naast doet want dan hoeft dat buiten fietsen geen loodzware training te zijn. In al die winterkleding is dat per slot dubbel lastig. Nee, doe dat gerichte werk maar binnen en gebruik buiten voor een lekkere 'up tempo' frisse neus.
De jaren daarvoor dacht Trapper dat alleen zo nu en dan een ritje op een mooie winterdag wel volstond om fris aan een nieuwe prima vera te beginnen. Met de komst van de Travelmaster en de Race Lite was er geen enkele reden om 's winters niet nog wat meer kilometers te maken: die krijgen niks van blubber, natte sneeuw en pekel. Maar veel sterker kwam Trapper zo'n winter ook niet uit. Het bleef harken het eerste dozijn ritten in het prille lentezonnetje zonder lange broek.
Er was iets anders nodig. Veel praten, lezen en zoeken op internet in november leerde hem dat - wil je winter beter uit komen dan dat je er in gegaan bent - je een beetje systematisch te werk moet gaan. Een bodempje leggen noemen ze dat. Dus zit Trapper nu zo'n twee keer in de week op de hometrainer met een cadans van circa 80 een zo hoog mogelijke weerstand weg te trappen, zonder zijn hartslag over de kop te jagen. Buiten duwt hij wekelijks puur voor de pret en als het niet al te erg beestenweer is ook nog zestig of tachtig kilometer weg. Om de souplesse erin te houden.
Getallen liegen niet. Met nog maar een halve winter achter de rug stoempt Trapper in een uur meer kilojoules weg dan ooit tevoren. Trapper heeft de Ventoux beloofd dat hij dit jaar nog één keer terugkomt. Afgelopen jaar kon hij het met de Race Lite in zijn snelste ooit: twee uur vijf. Maar dan kan één negenenvijftig natuurlijk ook. Die berg is al vast gewaarschuwd.
Trapper
Februari 2013
_________________________________________________________________________



